Met ingang van collegejaar 2018/2019 werd het collegegeld voor eerstejaars studenten door het kabinet gehalveerd. Goed nieuws, want daarmee is studeren goedkoper. Toch waren er bij de invoering al veel twijfels over de effectiviteit van de halvering. Terecht, blijkt nu. Volgens ResearchNed gaan er vooralsnog niet meer jongeren studeren.

Onderzoek

ResearchNed vroeg havo- en vwo-scholieren die vorig jaar eindexamen deden en mbo-studenten naar hun overwegingen om wel of geen studie in het hoger onderwijs te gaan volgen. Hierbij werd vooral gekeken naar redenen voor twijfel om wel of niet te gaan studeren en financiële drempels. Verder werd de respondenten gevraagd in hoeverre zij bekend zijn met de collegegeld halvering en de invloed die deze heeft gehad op hun keuze om al dan niet te gaan studeren.

Een aardig beeld

Volgens ResearchNed is het nog te vroeg om echt conclusies te trekken, maar geeft hun onderzoek wel een aardig beeld van het effect van de maatregel. Allereerst blijken veel studenten bekend te zijn met de halvering van het collegegeld: zesenzeventig procent van de havo/vwo-scholieren en vijfenzestig procent van de mbo’ers.

De halvering van het collegegeld speelt echter maar een beperkte rol in de keuze om wel of niet te gaan studeren. Zeventien procent van de mbo-studenten en slechts zes procent van de havo/vwo-scholieren geeft aan dat de maatregel heeft meegespeeld bij het maken van hun keuze.

Financiën spelen een rol

Hoewel de halvering van het collegegeld niet veel invloed heeft op de keuze om wel of niet te gaan studeren, zijn financiën in het algemeen wel iets waarop vooral mbo’ers hun keuze baseren. Mbo-studenten waarvan de ouders het financieel minder breed hebben en eerstegeneratiestudenten geven aan te twijfelen over een studie in het hoger onderwijs door financiële belemmeringen en leenangst.